
Aggie Langedijk
2003
Zijn huis in Brighton staat vol met beelden en beeldjes van dieren, vooral olifanten.'Ik hoop dat ik na mijn dood naar de dierenhemel word gestuurd', zegt componist Param Vir met zelfspot.'Ik hou van dieren en ze spelen een belangrijke rol in mijn composities. Ik heb al een complete dierentuin op muziek gezet: Ook het vierdelige The Theatre of Magical Beings wordt bevolkt door dieren, zij het mythologische. `Het zijn archetypen. Ze representeren oude voorstellingen van transformatie. Garuda - half vogel, half mens - vertegenwoordigt de eeuwige strijd tussen goed en kwaad. Uroborus, een opgerolde slang die zijn eigen staart opeet, staat voor autonomie en vernieuwing. De olifant, met zes slag-tanden, is ontleend aan de boeddhistische legende waarin de geboorte van Siddharta, de Grote Leraar, wordt aangekondigd en Simurgh ten slotte is de magische vogel uit De samenspreking der vogels van de Perzische dichter Farid ud-Din Attar. In dit middeleeuwse gedicht gaan alle vogels op reis, op zoek naar de grote vogel waarover ze gehoord hebben, maar uiteindelijk vinden ze alleen een spiegel van licht waarin ze zichzelf weerspiegeld zien: een krachtig beeld van zelfverwezenlijking: Vir heeft met opzet vier wezens uit vier culturen gekozen: Garuda is ontleend aan de hindoeistische Veda's, Uroborus is een Europees symbool, de olifant representeert het boeddhisme en de Simurgh vindt zijn oorsprong in het soefisme. Ze vertegenwoordigen ook de vier elementen, respectievelijk lucht, water, aarde en vuur.'Geen enkele cultuur kan aanspraak maken op de waarheid. De zoektocht naar de essentie van het bestaan en daar uitdrukking aan geven, is van alle tijden en alle tradities. Je zou kunnen zeggen dat ik een ode breng aan die culturele diversiteit. En uiteindelijk is dat wat me het meest bezighoudt: het onderzoeken van de oneindige mogelijkheden van persoonlijke verandering:
Het 'theater' in de titel van zijn stuk verwijst dan ook niet naar een toneel in de conventionele betekenis, maar naar een innerlijke ruimte, een plek waar men de mythologische wezens kan ontmoeten die hun magische krachten openbaren. 'Het is niet mijn bedoeling.geweest een samenhangend verhaal te vertellen maar om een levendige en krachtige voorstelling te geven van de energie en magie die deze archetypen opwekken. Het stuk bestaat uit vier afzonderlijke delen; de verhalen van de dieren interfereren niet in het stuk, ze zijn met elkaar verbonden door de ideeen en opvattingen waaruit ze voortgekomen zijn.'Ik heb de dieren ook niet muzikaal.geillustreerd, dat vind ik helemaal niet interessant. Wel zijn er relaties te vinden op een ander niveau. De opgerolde slang bijvoorbeeld is een symmetrisch beeld. Het tweede deel, dat zijn naam draagt, is volledig symmetrisch gestructu reerd. Dit werk is een theater van klank, niet van visuele verbeelding. Met een uitzondering: wanneer de olifant het toneel betreedt, hoorje een zacht getrompetter. Hier ben ik dus even van het rechte pad afgeweken, maar olifanten hebben zo'n geweldig gevoel voor humor, dat ik mezelf deze knipoog heb toegestaan:
De van oorsprong Indiase componist woont en werkt sinds 1984 in Engeland. Het jaar daarvoor had de componist en dirigent Peter Maxwell Davies hem uitgenodigd voor de Dartington Summer School en kreeg hij een beurs van de Inlaks Foundation om in Londen compositie bij Oliver Knussen te gaan studeren. The Theatre of Magical Beings is opgedragen aan de beheerders van deze stichting, Nicolo and Bina Sella di Monteluce. Ilk heb veel aan hen te danken. AI op mijn vijftiende wist ik dat ik componist wilde worden en in Europa wilde studeren maar er was geen geld voor. Toen mijn Duitse pianoleraar, die mij in aanraking had gebracht met de twaalftoon-reeks en daarmee een wereld voor me opende, in 1969 India verliet, was ik op mezelf aangewezen. Ik ben geschiedenis en filosofie gaan studeren aan de Universiteit van Delhi en stug doorgegaan met componeren. Door de studiebeurs kon ik me uiteindelijk verder ont- wikkelen in een omgeving die beter aansloot bij mijn aspiraties: Het ligt voor de hand Vir te vragen naar de betekenis van zijn afkomst op zijn werk.'Er wordt we[ eens tegen me gezegd dat er in mijn werk geen Indiase muziek te horen is. Maar dat is niet het niveau waarop ik invloeden verwerk. Ik ben er weliswaar steeds op uit om cultuur- verschillen te overbruggen maar ik geloof niet in cross-overs als doel op zichzelf en ik ben niet ge'interesseerd in 'modern' klinkende Indiase muziek. Ik maak wel degelijk gebruik van de ideeen die aan die muziek ten grondslag liggen, zoals tijdcycli en het bijna absolute belang dat aan toonhoogte en afzonderlijke tonen wordt toe- gekend. Tonen zijn heilig! Een zanger kan rustig een half uur een toon `verkennen'voordat hij de volgende zingt en die overgang heeft dan een geweldige impact. Ook voor mij zijn afzonderlijke tonen van wezenlijk belang. Elke noot die ik in een bepaald stuk schrijf,.is onvervangbaar, kan niet veranderd of weggehaald worden. En misschien is die instelling het gevolg van het felt dat mijn moeder een professioneel zangeres van Indiase klassieke muziek was en dat ik die muziek gedurende mijn hele jeugd heb gehoord. Maar dat is lets heel anders dan dat mijn muziek Indiaas zou moeten klinken. Ikwil niet in een hokje geplaatst . worden. Ik ben weliswaar opge- groeid in Delhi en verloochen mijn afkomst niet maar mijn scholing was voor een groot deel Europees georienteerd en ik heb ook nog een paar.jaar in de Verenigde Staten gewoond. Ik voel me het meest beTnvloed door de Tweede Weense School en vooral door de Franse componist Olivier Messiaen, door de uitbundigheid, het plezier en de energie van zijn muziek: Ilk denk dat het woord'energie' goed weergeeft wat componeren voor me betekent. The Theatre of Magical Beings mag dan ge'inspireerd zijn door filosofische ideeen maar de muziek zelf moet het werk doen. Kennis van de achtergrond kan wellicht bijdragen aan de luis- terervaring maar ik wil vooral dat de toehoorders het stuk ondergaan als een klankobject en dat het ook als zodanig betekenis heeft. Een genot om naar te Iuisteren. Dat hoop ik tenminste.